Kennisbank: Hoe ontwikkelen we een duidelijke visie voor de komende 3–5 jaar?
Thema en type:
Een missie geeft antwoord op de vraag: waarom bestaan wij als vereniging?
Een visie geeft antwoord op de vervolgvraag: waar willen wij de komende jaren naartoe?
Veel verenigingen slaan deze stap over. Ze gaan direct aan de slag met een meerjarenplan, jaarplan of losse projecten. Dat lijkt praktisch, maar leidt vaak tot versnippering. Zonder duidelijke visie weet niemand precies welke kant de vereniging op beweegt. Dan worden keuzes afhankelijk van toevallige bestuursleden, actuele problemen of de mening van de luidste stem.
Let op: begin niet met visieontwikkeling als jullie missie nog niet helder en gedragen is. Lees dan eerst de artikelen:
Waarom heeft onze vereniging een missie nodig?
Hoe formuleren we een sterke en gedragen missie?
Pas als de vereniging weet wie zij is en waarom zij bestaat, kan zij bepalen waar zij over 3 tot 5 jaar wil staan.
In dit artikel lees je hoe je als vereniging een duidelijke, gedragen en bruikbare visie ontwikkelt.
Inhoud
- Wat is een visie?
- Wat is het verschil tussen missie, visie en strategie?
- Wanneer is je vereniging klaar voor visieontwikkeling?
- Waaruit bestaat een sterke visie?
- Hoe formuleer je een visie met de AMORE-criteria?
- Wie betrek je bij het visieproces?
- Hoe voorkom je een vage ambitie?
- Hoe vertaal je visie naar speerpunten?
- Wanneer moet je juist niet aan visie beginnen?
1. Wat is een visie?
Een visie is het gewenste toekomstbeeld van de vereniging. Het gaat dus niet om wie je vandaag bent, maar om waar je als vereniging naartoe wilt. Een visie beschrijft de richting voor de komende jaren en helpt bij het maken van keuzes.
Een goede visie geeft antwoord op vragen als:
- Waar willen we over 3 tot 5 jaar staan?
- Wat willen we betekenen voor onze leden, vrijwilligers en omgeving?
- Welke ontwikkeling vinden we belangrijk?
- Waar willen we als vereniging beter, sterker of duidelijker in worden?
- Welke keuzes horen daar wel en niet bij?
Een visie is daarmee geen losse droomzin. Het is een richtinggevend beeld van de toekomst dat leden, vrijwilligers, bestuur en commissies helpt om dezelfde kant op te bewegen.
De kern:
Een missie zegt waarom je bestaat.
Een visie zegt waar je naartoe wilt.
2. Wat is het verschil tussen missie, visie en strategie?
Deze begrippen worden vaak door elkaar gehaald. Toch is het verschil belangrijk.
Missie
De missie gaat over het bestaansrecht van de vereniging. Waarom zijn wij er? Wat is onze opdracht? Wat maakt ons als vereniging uniek?
Visie
De visie gaat over het gewenste toekomstbeeld. Waar willen wij over een aantal jaar staan? Wat willen wij bereiken of ontwikkelen?
Strategie
De strategie gaat over de route daarnaartoe. Welke keuzes maken we? Welke doelen stellen we? Welke acties voeren we uit? Strategie omvat dus de concrete speerpunten, doelen, scenario’s en actieplannen waarmee je de visie probeert te realiseren.
Voor een sportvereniging kun je het zo samenvatten:
Missie: waarom bestaan wij?
Visie: waar willen wij naartoe?
Strategie: hoe komen wij daar?
Dit verschil is belangrijk. Een vereniging zonder missie mist identiteit. Een vereniging zonder visie mist richting. En een vereniging zonder strategie mist uitvoering.
3. Wanneer is je vereniging klaar voor visieontwikkeling?
Een vereniging is klaar voor visieontwikkeling als twee voorwaarden op orde zijn.
Ten eerste moet de missie helder en gedragen zijn. Zonder missie wordt visieontwikkeling snel een discussie over losse wensen. De één wil sportieve groei, de ander wil vooral gezelligheid, een derde wil maatschappelijk actiever worden. Zonder gedeelde identiteit is er geen toetssteen om zulke keuzes te maken.
Ten tweede moet er een groep zijn die de vereniging breed vertegenwoordigt. Die groep hoeft niet groot te zijn, maar moet wel voldoende verscheidenheid hebben.
Denk aan vertegenwoordiging vanuit:
- bestuur;
- commissies;
- trainers of technisch kader;
- vrijwilligers;
- jeugd en senioren;
- eventueel ouders, leden of andere sleutelfiguren.
In de visieworkshop wordt ook gewerkt met een strategisch team dat de opdrachten uitvoert, de uitkomsten bespreekt en daarna een definitieve visie formuleert.
Belangrijk:
Een visie is niet van het bestuur alleen. Een visie moet van de vereniging worden.
4. Waaruit bestaat een sterke visie?
Volgens de visieworkshop bestaat een visie uit vier onderdelen: hoger doel, gewaagd doel, kernwaarden en kernkwaliteiten.
1. Hoger doel
Het hoger doel beschrijft de idealen van de vereniging.
Vragen die hierbij helpen:
- Waarom bestaan we?
- Wat is onze essentie?
- Welke unieke bijdrage leveren wij?
- Welke ideeën blijven wij altijd nastreven?
- Wat gaat er verloren als wij niet meer bestaan?
- Het antwoord moet betekenis geven. Het moet zorgen voor inspiratie, betrokkenheid en energie.
2. Gewaagd doel
Het gewaagd doel is het uitdagende toekomstbeeld van de vereniging.
Dit is de droom die met flinke inspanning haalbaar is. Niet te makkelijk, maar ook niet totaal onrealistisch.
Een goed gewaagd doel is:
- concreet;
- gekoppeld aan een termijn;
- ambitieus;
- binnen bereik als de vereniging er echt voor kiest.
Bijvoorbeeld:
Over vier jaar zijn wij de vereniging waar jeugdleden zich niet alleen sportief ontwikkelen, maar ook actief leren bijdragen aan de club.
Of:
In 2030 zijn wij de meest toegankelijke en betrokken sportvereniging van onze wijk.
3. Kernwaarden
Kernwaarden geven aan waarvoor de vereniging staat. Het zijn diepgewortelde overtuigingen die richting geven aan gedrag.
De workshop onderscheidt drie soorten kernwaarden:
- bestaande waarden: waarden die nu al bij de cultuur horen;
- minimale waarden: waarden waar je als vereniging minimaal aan moet voldoen;
- wenselijke waarden: waarden die je wilt versterken om je toekomstbeeld te bereiken.
Voorbeelden zijn sportiviteit, respect, plezier, betrokkenheid, verantwoordelijkheid of ontwikkeling.
Let op: kernwaarden zijn pas bruikbaar als je ze vertaalt naar gedrag. “Respect” betekent pas iets als je samen afspreekt wat je dan wel en niet doet op het veld, in de kantine, in commissies en in het bestuur.
4. Kernkwaliteiten
Kernkwaliteiten zijn de eigenschappen waarin de vereniging uitblinkt.
Vragen die hierbij helpen:
- Waar zijn wij van nature goed in?
- Wat noemen buitenstaanders vaak positief over ons?
- Wat maakt ons sterker dan andere verenigingen?
- Welke kwaliteiten moeten we behouden of verder ontwikkelen?
Kernkwaliteiten kunnen bijvoorbeeld zijn: sterke jeugdopleiding, warme clubcultuur, goede organisatie, maatschappelijke betrokkenheid of veel vrijwillige inzet.
De kern:
Een visie is sterker als hij niet alleen zegt waar je heen wilt, maar ook laat zien waarop je voortbouwt.
5. Hoe formuleer je een visie met de AMORE-criteria?
Een visie moet meer zijn dan een mooie zin. De visieworkshop gebruikt daarvoor de AMORE-criteria. Een goede visie is: ambitieus, motiverend, onderscheidend, relevant en echt.
Ambitieus
Ligt de lat hoog genoeg?
Een visie mag best schuren. Als niemand ervoor in beweging hoeft te komen, is het geen visie maar een beschrijving van de huidige situatie.
Motiverend
Geeft de visie energie?
Leden, vrijwilligers en bestuurders moeten voelen: hier wil ik aan bijdragen.
Onderscheidend
Past de visie echt bij jullie vereniging?
Als elke sportvereniging dezelfde visie zou kunnen gebruiken, is hij te algemeen.
Relevant
Is de visie belangrijk voor leden, vrijwilligers en omgeving?
Een visie moet niet alleen bestuurlijk kloppen, maar ook betekenis hebben voor de mensen die de vereniging dragen.
Echt
Klopt de visie met wie jullie zijn?
Een visie mag ambitieus zijn, maar moet wel geloofwaardig blijven. Wishful thinking werkt averechts.
Toetsvraag:
Als je de naam van je vereniging uit de visie haalt, herkennen mensen dan nog steeds dat het over jullie club gaat?
6. Wie betrek je bij het visieproces?
Betrek een groep die de vereniging breed vertegenwoordigt. Niet iedereen hoeft aan tafel, maar de belangrijkste perspectieven moeten wel aanwezig zijn.
Een goede groep bestaat bijvoorbeeld uit:
- een bestuurslid;
- enkele commissieleden;
- trainers of coördinatoren;
- vrijwilligers;
- leden uit verschillende doelgroepen;
- eventueel ouders of maatschappelijke partners.
De groep moet niet alleen bestaan uit mensen die altijd al meepraten. Juist bij visieontwikkeling is het belangrijk dat verschillende beelden van de vereniging op tafel komen.
Let daarbij op drie valkuilen:
- Alleen het bestuur praat mee
Dan krijg je een bestuursvisie, geen verenigingsvisie. - Alleen de enthousiastelingen praten mee
Dan mis je kritische signalen uit de club. - De luidste stem bepaalt
Dan krijg je geen gedragen visie, maar de voorkeur van een paar dominante personen.
Een goede visie ontstaat dus niet achter een laptop, maar in gesprek met de vereniging.
7. Hoe voorkom je een vage ambitie?
Veel visies klinken mooi, maar betekenen weinig.
Voorbeelden:
- “Wij willen een toekomstbestendige vereniging zijn.”
- “Wij willen sportplezier voor iedereen bieden.”
- “Wij willen een sterke en gezonde club zijn.”
Dat zijn op zichzelf geen slechte zinnen, maar ze zijn te vaag zolang je niet uitlegt wat ze betekenen.
Maak een visie daarom concreet met vragen als:
- Wat bedoelen we precies met toekomstbestendig?
- Voor wie willen we er zijn?
- Welke keuzes horen hierbij?
- Wat doen we straks anders dan nu?
- Wat stoppen we juist?
- Welke thema’s krijgen prioriteit?
- Wat vraagt dit van bestuur, commissies en vrijwilligers?
Een visie wordt pas krachtig als hij keuzes afdwingt.
Confronterende toets:
Als alles belangrijk blijft, is er nog geen visie. Dan is er alleen een verlanglijst.
8. Hoe vertaal je visie naar speerpunten?
Een visie krijgt pas waarde als je hem vertaalt naar richtinggevende speerpunten. Anders blijft het een tekst.
Na het formuleren van de visie bepaalt de vereniging daarom 3 tot 5 speerpunten voor de komende jaren.
Bijvoorbeeld:
- versterken van vrijwilligersorganisatie;
- verbeteren van jeugdopleiding;
- vergroten van ledenbinding;
- ontwikkelen van maatschappelijk aanbod;
- verduurzamen van accommodatie;
- verbeteren van communicatie;
- versterken van bestuursstructuur.
Daarna volgt pas strategie: per speerpunt bepaal je doelen, acties, verantwoordelijkheden, planning en middelen. Een strategie is de aanpak waarmee je de visie realiseert; zonder acties en keuzes blijft de visie vrijblijvend.
Een praktische vertaling ziet er zo uit:
- Visie:
Waar willen we over 3 tot 5 jaar staan? - Speerpunten:
Welke 3 tot 5 thema’s zijn daarvoor het belangrijkst? - Doelen:
Wat willen we concreet bereiken? - Acties:
Wat gaan we doen? - Eigenaarschap:
Wie is verantwoordelijk? - Opvolging:
Wanneer bespreken we de voortgang?
Belangrijk:
Een visie zonder speerpunten geeft inspiratie, maar nog geen sturing.
9. Wanneer moet je juist niet aan visie beginnen?
Begin niet met visieontwikkeling als de missie nog ontbreekt of niet gedragen is.
Dan is de kans groot dat je discussie krijgt over de toekomst, terwijl je het nog niet eens bent over de identiteit van de vereniging.
Signalen dat je nog niet klaar bent voor visieontwikkeling:
- bestuursleden hebben een heel verschillend beeld van de vereniging;
- leden herkennen zich niet in de huidige missie;
- er is geen gedeeld antwoord op de vraag waarom de vereniging bestaat;
- de vereniging wil vooral snel een plan “omdat het moet”;
- er is geen groep die het proces kan dragen;
- eerdere plannen zijn nooit uitgevoerd of geëvalueerd.
In dat geval is de juiste stap niet: sneller een visie schrijven.
De juiste stap is: terug naar de basis.
Eerst missie. Dan visie. Daarna strategie.
Conclusie
Een duidelijke visie helpt je vereniging om richting te kiezen voor de komende 3 tot 5 jaar. Het voorkomt dat bestuur, commissies en vrijwilligers allemaal vanuit hun eigen beeld werken.
Maar een visie werkt alleen als hij voortbouwt op een gedragen missie. De missie zegt waarom je bestaat. De visie zegt waar je naartoe wilt. De strategie bepaalt hoe je daar komt.
Een sterke visie bestaat uit een hoger doel, een gewaagd doel, kernwaarden en kernkwaliteiten. Met de AMORE-criteria toets je of de visie ambitieus, motiverend, onderscheidend, relevant en echt is.
De belangrijkste les: maak van visieontwikkeling geen schrijftafelopdracht. Zorg voor een representatieve groep, voer het gesprek goed en dwing keuzes af. Alleen dan wordt de visie een kompas voor de vereniging.
In het volgende artikel gaan we een stap verder: Hoe bepalen we onze strategische speerpunten?
Ondersteuning
Wil je als vereniging aan de slag met het ontwikkelen van jullie visie? Doorloop dan bij voorkeur een visieworkshop samen met de verenigingsondersteuner.
De verenigingsondersteuner begeleidt het proces, stelt effectieve vervolgvragen op antwoorden uit de groep en zorgt ervoor dat iedereen een zegje kan doen. Dat is belangrijk, omdat besturen of uitgesproken personen zo’n proces soms onbewust domineren. Daardoor kan de visie te veel het beeld van een kleine groep worden, in plaats van een gedragen toekomstbeeld van de vereniging.
Een goede begeleiding helpt om verschillende perspectieven boven tafel te krijgen, vage ambities concreter te maken en het gesprek te vertalen naar duidelijke keuzes.
Voor het inplannen van een visieworkshop kun je contact opnemen met de verenigingsondersteuner.
Bronnen
- KVK – Visie, missie en strategie: de basis voor succes
- Managementmodellensite – Strategie
- House of Control – Missie, visie en strategiemodel